De laatste stop: Bogotá en Mexico
- Marthe

- 13 aug
- 4 minuten om te lezen
Eindelijk: de laatste blogpost van onze vakantie in Zuid-Amerika. Onze laatste week in Colombia brachten we door in Bogotá, de hoofdstad van het land. Van tevoren wist ik niet zo goed wat ik ervan moest verwachten. Ik had vooral veel gevaarlijke verhalen gehoord over drugsbendes en criminaliteit, maar uiteindelijk viel het allemaal heel erg mee.
Het verschil tussen Cartagena, San Andrés en Bogotá is echt dag en nacht. In Bogotá merk je duidelijk dat je weer op het vasteland en in een grote stad bent. De mensen kwamen een stuk beschaafder over en eigenlijk was alles behoorlijk modern. Dat had ik van Cartagena en San Andrés niet kunnen zeggen. We verbleven wel in een veilige en luxe wijk, maar ook de rest van de stad voelde over het algemeen veilig en modern aan. Misschien klinkt dat raar, maar ik had vooraf gewoon een heel ander beeld van Bogotá na Cartagena en San Andrés.
We dronken er heerlijke koffie en hebben ontzettend lekker gegeten. Eén restaurant was zelfs zo goed dat we er later nog een keer naartoe zijn gegaan.
Via GetYourGuide boekten we een aantal uitstapjes, waaronder een tour naar Zipaquirá en de beroemde Zoutkathedraal. Deze ondergrondse kathedraal is gebouwd in de tunnels van een oude zoutmijn en ligt ongeveer 180 meter onder de grond. De gangen, kruizen en kapellen zijn grotendeels uit het zoutgesteente gehakt. Onderweg loop je langs de veertien staties van de kruisweg, waarna je uiteindelijk in de enorme centrale ruimte van de kathedraal uitkomt. Door de gekleurde verlichting ziet alles er nog bijzonderder uit.
De tour werd afgesloten met een diner bij een steakhouse, waar we verschillende soorten vlees kregen. Daar zat ook capibara bij, die schattige, gigantische cavia’s. Ik vond het ergens best zielig, want ze zijn ontzettend leuk, maar het vlees was eerlijk gezegd ook heel erg lekker. ( Op de foto wijs ik het stukje capibaravlees aan )
Op een andere avond aten we bij El Chato, een van de beste restaurants van Colombia en inmiddels zelfs uitgeroepen tot het beste restaurant van Latijns-Amerika. De ervaring was te vergelijken met eten bij een restaurant met Michelinsterren. Elk gerecht was fantastisch lekker.
Vanaf onze tafel konden we rechtstreeks de open keuken inkijken. Op de onderzetters stonden foto’s van de chefs en bij ieder gerecht kwam een van hen aan tafel vertellen wat we precies kregen en welke ingrediënten erin zaten. Alles was heel zorgvuldig samengesteld en mooi gepresenteerd.
We namen ook de kabelbaan naar Monserrate, een berg die hoog boven Bogotá uitsteekt. Bovenop staat een kerk en heb je goed uitzicht over de stad. We deden dit als onderdeel van een walking tour met een gids. Achteraf gezien hadden we dit prima zelf kunnen plannen en was de tour behoorlijk overpriced voor wat het uiteindelijk was.
Het was op zich leuk, maar een Chinees stel kaapte onze gids ongeveer de helft van de tour voor zichzelf. Aan het einde werd er ook nog van ons verwacht dat wij het eten en de lunch van de gids zouden betalen, terwijl we al een flink bedrag voor de tour hadden neergelegd. Dat vond ik een beetje vreemd.
We bezochten ook het Goudmuseum, waar een enorme collectie precolumbiaanse gouden voorwerpen te zien is. Daarnaast zagen we veel smaragden. Colombia staat bekend om zijn smaragden en ze worden op allerlei plekken in Bogotá verkocht.
Na Colombia vlogen we op de terugweg opnieuw via Mexico, waar we nog een paar dagen zouden blijven. We waren van plan om nog een aantal plekken te bezoeken, maar helaas kreeg ik op mijn verjaardag voedselvergiftiging.
Ik was juist heel voorzichtig geweest met wat ik at en dronk, omdat ik niet opnieuw een parasiet wilde oplopen zoals een jaar eerder op Bali, zie die blogpost. Maar Zen had ergens bij een kraampje een burrito gehaald, meegenomen en aan mij gegeven. Achteraf zei hij: “Ja, misschien was dat inderdaad niet de schoonste plek.”
Lekker dan. Nu was ik dus ziek. En ook nog op mijn verjaardag.
Toen ik me eindelijk wat beter voelde, zijn we naar een pro-wrestlingwedstrijd geweest. Als je in Mexico bent, is dat natuurlijk wel een van de dingen die je een keer moet meemaken. Het was indrukwekkend, gezellig en vooral heel grappig. We kregen zelf ook maskers, waardoor we er helemaal bij hoorden.
Voor mijn verjaardag hadden we eigenlijk een diner bij SUD777 gepland. Omdat ik ziek was geworden, kon dat niet doorgaan en hebben we de reservering verplaatst naar de avond voor ons vertrek.
SUD777 is het restaurant van de Mexicaanse chef Edgar Núñez en heeft een Michelinster. Zijn keuken draait voor een groot deel om Mexicaanse groenten en lokale, seizoensgebonden ingrediënten. Dat merkte je ook aan het menu: we kregen vooral heel veel groentegerechten, maar alles was heel lekker en bijzonder klaargemaakt.
Na mijn voedselvergiftiging was ik een beetje bang dat zo’n uitgebreid diner te zwaar zou zijn, maar het eten voelde juist verrassend licht op mijn maag. Dat kwam dus heel goed uit.
Daarmee kwam onze reis door Zuid-Amerika en Mexico echt ten einde. We hebben ontzettend veel gezien, heel lekker gegeten en genoeg meegemaakt. Het duurde even voordat ik deze laatste blogpost schreef, maar nu is de reis dan eindelijk helemaal vastgelegd.



Opmerkingen